biografie
biografie
In de geschiedenis van de keramische kunst in Nederland neemt Colenbrander vooral door zijn kleurgebruik een unieke positie in. Hij zette kleuren naast elkaar die geen enkele andere kunstenaar durfde te combineren. Bij de Ram had hij een speciaal kleurenscala laten samenstellen dat bestond uit 73 tinten, verdeeld over twee kisten met voorbeelden. Het kende bijvoorbeeld ‘stroogeel’, ‘goudgeel’, kopergeel’, ‘geel’, ‘zand’ (grijsgeel), ‘bronsgeel’, ‘napelsgeel’ en ‘bleekgeel’. Zo waren er ook vele varianten in andere kleuren, allemaal genummerd. Het was echter vooral de combinatie van deze kleuren die opviel en zelfs in de jaren twintig zeer ongewoon was. Daartegenover stonden echter ook decors die alleen bestonden uit dunne zwarte slierten (‘Strooming’).
Alle kleurvlakken in de ontwerpen van Colenbrander zijn gescheiden door dunne zwarte lijntjes, de omtreklijnen van de ‘voorstelling’. Dezelfde patronen konden ook verschillende kleurcombinaties krijgen, wat steeds weer nieuwe decors leek op te leveren. Het werk van Colenbrander was zuiver kunstenaarschap, het was geen toegepaste kunst. Zijn patronen waren niet ondergeschikt aan de vaasvormen waarop ze werden aangebracht, ze waren het onderwerp. De uitvoering moest perfect zijn, de kleuren helder. Een korte tijd werd bij de Ram het werk op een goede manier uitgevoerd: vlakke, heldere, glanzende kleurpatronen die geordend om een krachtige vorm vloeiden. Het latere gesjoemel met goedkopere verven als de oxydeverf haalde het hart uit de ontwerpen, omdat de kleuren modderig werden en daarmee hun uitdrukkingskracht verloren.

Rouwadvertentie bij het overlijden van Colenbrander

klik op de afbeelding voor een vergroting